Wat zijn Perzische Tapijten?

Perzië (het huidige Iran) was en is al eeuwenlang in het midden oosten de producent van tapijten. De naam Oosterse tapijten wordt nog steeds verward met Perzische tapijten.  De naam Oosterse tapijten geeft slechts aan dat het gaat om tapijten uit het Oosten. Gewoonlijk bedoelen we hiermee handgeknoopte tapijten, vervaardigd in het grote gebied dat zich uitstrekt vanaf de Balkan in Zuidoost Europa tot aan China.

Perzische tapijten zijn kunstwerken van hoge kwaliteit met een rijkdom aan patronen, symboliek en een zeer gevarieerd, fantasierijk kleurenspel. Al eeuwen lang worden de tapijten traditioneel en ambachtelijk met de hand geknoopt.

Hoewel typen, patronen en kleuren binnen de verschillende tapijtgebieden enigszins vastliggen, zijn er nooit twee tapijten gelijk aan elkaar. Het menselijke element tijdens het knopen brengt bewust of onbewust variaties met zich mee die juist de charme meegeven aan de exclusiviteit van een Perzisch handgeknoopt tapijt.

Materialen: wol, katoen en zijde

Het mag bekend zijn dat voornamelijk schapen en lammeren de hoofdleveranciers zijn van de klassieke tapijtwol. Deze wordt gebruikt voor de pool (het oppervlak van het tapijt). Maar ook katoen dat op vele plaatsen in Iran wordt verbouwd, is niet onbelangrijk. Het wordt gebruikt voor de ketting- en inslagdraden van het tapijt. Katoen krimpt en rekt niet en door zijn stijfheid is het bij uitstek geschikt om het tapijt vlak te laten liggen. Verder wordt ook  zijde gebruikt, welke wordt geproduceerd door de zijderups in de moerbeiboom plantages aan de Kaspische zee.

Wol is het beste materiaal om tapijten te knopen. Er bestaat echter een groot verschil in kwaliteit: zo geven schapen uit koude bergstreken betere kwaliteit van wol dan die die in de warme dalen grazen. Zelfs het lichaamsgedeelte waarvan de wol afkomstig is speelt een rol. Zo leveren de schouders en de flanken de beste wol met de langste vezels. De (aller) hoogste wol kwaliteit leveren lammeren tussen de acht en veertien maanden oud waarvan bij de eerste schering de hals en de buik wol wordt gebruikt, deze wol noemen we "kork"

Over het knopen zelf

Het tapijt wordt vaak aan begin zijde van een kelimweefsel voorzien. Hierna begint de knoper zijn knopenrijen te leggen. Deze rijen vormen de pool waarin het patroon moet ontstaan. Het garen hangt in grote bundels, gesorteerd volgens de kleuren, aan de bovenste balk. Met een houten of ijzeren kam worden de rijen van knopen stevig tegen elkaar aangeklopt. Dan worden twee, drie of vier inslagen ingevoerd en stevig tegen het reeds geknoopte gedeelte van de tapijten aangeklopt. De kwaliteit en de stabiliteit van het grondweefsel worden bepaald door het aantal inslagdraden. Opnieuw wordt over de hele breedte een reeks knopen gelegd, en zo gaat men verder tot het tapijt klaar is. Men eindigt zoals men begonnen is. Ten slotte worden de losse kettingdraden tot franje geknoopt.

Een ervaren knoper  kan 10.000 knopen op een dag maken, afhankelijk van de dichtheid van de knopen en de aard van het materiaal.
Na het knopen volgt er nog een nabehandeling. De gareneinden van de knopen, die de pool en daarmee het patroon vormen, zijn op verschillende lengten afgeknipt. Voor het verkrijgen van dezelfde hoogte over het gehele tapijt, moeten deze einden met een speciale schaar worden bijgeknipt. Het wassen van een tapijt is belangrijk voor een mooie glans. Door dit wassen krimpt het tapijt een beetje, maar wordt het tegelijkertijd dichter en steviger.

De knoopdichtheid wordt in de westerse wereld meestal aangeduid in knopen per m2. In Perzië wordt de knoopdichtheid aangeduid in "raj", dat is het aantal knopen per "gereh". Eén gereh is 7 centimeter, als we de knopen horizontaal en verticaal tellen per gereh en dat delen door 49 dan krijgen we het aantal knopen per cm2. Vermenigvuldig de uitkomst met 10000 en u weet het aantal knopen per m2.

 

 

 

 

 

 

Het knopen gaat zo snel dat het met het blote oog niet te volgen is. Hier ziet u vertraagt de handeling van één knoop.

Het weefgetouw

Dit bestaat in hoofdzaak uit twee balken (bomen) waartussen de kettingdraden zijn gespannen. Dit weefgetouw is met pinnen in de grond bevestigd. De ene balk ligt op de grond terwijl de andere afhankelijk van de lengte van het tapijt op de gewenste hoogte is aangebracht. De twee houten balken worden verbonden met twee loodrechte stangen, die vaak verstelbaar zijn. Tussen deze beide in worden de kettingdraden gespannen. Hieronder ziet u een voorbeeld van een knoopraam welke in ons atelier staat en wat we in eigen beheer hebben vervaardigd en waarop een tapijt wordt geknoopt met het Tabriz motief. De lamswol en zijde hebben we speciaal voor dit project geïmporteerd.

 

Nomadentapijten zijn altijd eerder klein van afmeting doordat deze mensen vaak verhuizen om nieuwe en betere weiden voor hun vee te zoeken. Het hele weefgetouw, met eventueel het gedeeltelijk afgewerkte tapijt en de overgebleven kettingdraden, kan dan gewoon worden opgerold en is tamelijk eenvoudig te transporteren met een kameel of een muildier.

Onderhoud

Als u in het bezit bent van een (perzisch) handgeknoopt tapijt, zijn er een aantal aandachtspunten die de levensduur van uw tapijt aanzienlijk kunnen verlengen:

  • Het kloppen van een tapijt is volstrekt uit den boze.
  • Stofzuig het tapijt één maal in de week en dan met de pool mee.
  • Draai uw tapijt ieder half jaar een halve slag, dit verlengt de levensduur aanzienlijk.
  • (sport) Schoenen zijn tapijtvreters, loop liever zonder schoeisel in huis, ook dit verlengt de levensduur van uw tapijt.
  • Leg uw tapijt na een aantal jaren omgekeerd op een harde vloer en loop er een aantal dagen overheen, met een bezem of houten lat zacht op de rug van het tapijt kloppen mag ook om het proces te versnellen. U zult versteld staan van de hoeveelheid zand en stof wat uit uw tapijt komt.
  • Besteed bijzondere aandacht aan zware meubelstukken. Niet alleen kunnen ze uw tapijt beschadigen ook zoeken daaronder motten graag hun broedplaats. Mocht dit onverhoopt gebeurd zijn, laat dan uw tapijt door ons motvrij maken en eventueel herstellen.
  • Wees op uw hoede voor aardewerk potten e.d., deze laten vaak vocht door. Dit vocht kan doorwerken op het tapijt terwijl het ogenschijnlijk in goede toestand verkeert.
  • Wanneer u uw tapijt wilt opslaan voor een langere periode, rol het dan (met de vleug mee) op, eventueel met kranten ertussen en doe er mottenballen in. Verpak het in plastic en controleer uw tapijt maandelijks. Herhaal het proces tot u het tapijt weer gaat gebruiken.
  • Wilt u vlekken verwijderen, doe dit dan met een spons of een lauw sopje van groene zeep of ossegal zeep. Daarna flink deppen met schoon water en droogdeppen met keukenrol, maak het nooit te nat!
  • Zorg ervoor dat de ondergrond droog is na het schoonmaken, voordat u uw tapijten weer terug legt.
  • Zorg dat uw tapijt altijd vlak ligt. Bij onregelmatige vloeren treedt altijd extra slijtage op. Ondertapijt is aan te bevelen (antislip)
  • Tot slot, wanneer u twijfelt of niet zeker weet wat u moet doen als er onverhoopt iets met uw tapijt gebeurt, neem dan altijd contact met ons op, we proberen u dan van een professioneel advies te voorzien.
Winkel - Winkelcentrum Leidsenhage - Kamperfoelie 12 - 14 Leidschendam - Tel: 070 - 320 20 16
Showroom & Groothandel - Bedrijventerrein Forepark - Taag 63 - 67 Den Haag - Tel: 070 - 327 82 55

Laatst bijgewerkt: